Actieve didactiek

 

Carlijn van den Oord

Page history last edited by Carlijn van den Oord 1 yr ago

1. Waar leer je het gemakkelijkst? Waar ligt dat aan?

 In mijn kamer of als het woordjes leren is achter de computer bij wrts. Dat komt omdat ik op mijn kamer de rust heb, en omdat wrts gewoon een heel fijn programma is waar je woordjes goed mee in je hoofd kan krijgen.

 

2. Wanneer leer je het gemakkelijkst? Zijn er bepaalde tijden die productiever zijn dan andere?

Ik moet meestal wel een paar dagen van te voren beginnen. En meestal leer ik 's avonds en 's morgens beter dan 's middags. hoe dat komt weet ik zelf ook niet. Maar ik vind het niet zo erg. Ik vind het alleen niet fijn bij een proefwerkweek. Dan moet je alles wel leren 's middags, want dan heb je natuurlijk veel mee.

 

3. Hoe leer je het beste? Probeer dat zo goed mogelijk uit te leggen.

Herhaling. Ik leer best snel, maar als ik eerst ga leren en dan 10 minuten laat liggen en mezelf dan overhoor en alle dingen die ik nog niet goed deed opnieuw leer, leer ik wel het snelst. 

 

4. Wat zijn voor jou afleidingen van het leren? Wat doe je daaraan?

Het leid me alleen heel erg af als ik weet dat er een heel leuk programma op tv is. Ik kan me dan niet zo goed concentreren als normaal. maar dat gaat opzich wel goed. Ik heb niet dat ik dat programma dan ook moet kijken. Want ik kan natuurlijk altijd de herhaling kijken. Verder heb ik ook nog wel eens onrustige dagen en dan ben ik gewoon niet geconcentreerd en is elk klein dingetje een afleiding voor mij.

 

5. Geef je jezelf beloningen voor het leren gedurende bepaalde tijd? Waarom wel, waarom niet? Wat voor beloningen?

Nee, ik heb het een tijd geprobeert. Maar het werkte niet echt. En ik wist ook niet echt waar ik me mee moest belonen. 

 

6. Zijn er vakken die je moeilijk kunt leren? Waar ligt dat aan?

Wiskunde. Ik denk niet dat je dat kunt leren. Het ka geoefend worden. Maar verder niet veel. Ik denk dat het gewoon aan het vak zelf ligt en niet om mij of anderen. 

 

 

 

 

7. Zijn er vakken die je gemakkelijk leert? Waar ligt dat aan?

Frans. Ik weet niet hoe het komt. Het gaat meestal gewoon snel in mijn hoofd, ik denk ook dat het een beetje ligt aan dat ik weet wat ik op het proefwerk kan verwachten. Ik kan eigenlijk al heel het proefwerk voor mezelf maken. En dan weet ik gewoon dat veel er ook in zal staan. 

 

8. Heb je in het verleden al eens nagedacht over je manieren van leren? Heb je manieren geprobeerd om het anders, beter, sneller te doen? Welke?

Ja, in het verleden heb ik ook al een keer nagedacht over mijn manieren van leren. Maar het was niet echt nodig want mijn manier van leren gaat wel goed. Het enige vak waar ik wat minder voor haal is dan Duits. Daar heb ik veel verschillende manieren voor bedacht... Niet heel veel geholpen. Ik denk ook nog steeds dat het komt door de norm. Haast iedereen van de klas heeft maar rond een 6je. Zelfs de "goede".

 

9. Als je een sterke en zwakke kanten lijstje moet maken wat met leren te maken heeft, hoe ziet het er dan uit?

mijn sterke kanten zijn: Ik leer voor een 10 en niet voor een 6. Ik denk dat dit positief is want je leert altijd tot je echt álles kent. Ook denk ik dat ik leerwerk (vooral woordjes) goed en snel in mijn hoofd krijg.

mijn minder sterke kanten zijn: concentratie, ik kan niet achter msn leren dan word ik veel te snel afgeleid. Dat is wel jammer, maar wanneer ik gewoon op een rustige plek mijn leerwerk doe gaat het prima. het hoeft dus niet echt een probleem te zijn.. 

 

10. Vind jij het leuk om beter dan een ander te zijn? Ook op studiegebied? Waarom (niet)? Wat heb je ervoor gedaan om dat te bereiken?

Nee, ik weet wat ik zelf kan. Tuurlijk, het is leuk als je een goed cijfer binnen krijgt en als die van jou hoger dan de andere is. Maar ik hoef niet het beste leerlingetje van de klas te zijn. Zeker niet. Ik weet gewoon wat ik kan. Bij engels en duits ben ik zeer blij met een 6 voor een proefwerk terwijl als ik een 6 voor wiskunde haal ik niet erg vrolijk word.

 

11. Er zijn meerdere vormen van intelligentie. Jij bent waarschijnlijk ooit getest op je IQ, wat staat voor Intelligentie Quotiënt. Er zijn ook nog praktische, sociale, emotionele intelligentie. Met IQ meten we de intelligentie die je voor studie en bedrijf in je hersens hebt. Praktische heeft te maken met doen, actie ondernemen; sociale met de omgang met mensen; emotionele met de manier waarop jij met je gevoelens kunt omgaan. Zet voor je zelf op een rijtje welke van de genoemde intelligenties duidelijk bij jou aanwezig zijn en geef liefst een voorbeeld ervan.

Volgens mij zijn ze bij mij allemaal wel aanwezig. Maar dat is natuurlijk bij iedereen, en ik snap dat het bij de een een heel stuk anders zal zijn dan bij de ander. Maar iedereen heeft hersens waar je mee kan denken. Iedereen kan iets ondernemen. Dan hoeft het niet eens moeilijk te zijn. Maar iederen kan actie ondernemen. Dan de sociale en de emotionele. Dit kan niet iedereen altijd goed onder controle houden. Maar het zit er wel bij iedereen in.. Een sociaal gehandicapte heeft toch nog zijn sociale kanten. En iemand die gek in zijn hoofd is, kan ook momenten hebben waar het heel goed gaat met zijn gevoelens. 

Dus eigenlijk weet ik niet zo goed welke van de vier moet kiezen. Want als ik zeg dat ik ze allemaal wel heb vind ik dit natuurlijk ook weer te  hoog klinken. Wel denk ik dat ze wel echt alle vier aanwezig zijn. 

 

12. Noteer hieronder het antwoord op de vraag, wat jij deze week geleerd hebt. Het hoeft niet op school te zijn, het kan overal zijn, want 80% van wat we in ons leven leren leren we buiten school.

Waarom vieren we carnaval?:

We vieren carnaval om nog 1 maal uitbundigte feesten voordat de periode van vasten en boetedoening begint. De vaste periode begint op aswoensdag, de eerste dag na carnaval.

 

13. Loop je leven eens langs en noteer wat je van je ouders hebt geleerd.

Bijna alles:

eten, Lopen, praten, zindelijk zijn, manieren, beleefd zijn, leren leren, werken, voor eigen opkomen, gedragen, fatsoensnormen.  

 

 

14. Loop je leven eens langs en noteer wat je van een goede vriend geleerd hebt.

sociaal zijn, spelen, ruzies goedmaken, samenwerken, discussies beëindigen

 

15, Denk eens goed na en noteer wat jij geleerd hebt door iemand na te doen.

Dansen, lopen, praten, fietsen, hockey, spelletjes, tekenen, wiskunde, veters strikken, dwarsfluiten,  

 

16. Denk eens goed na en noteer wat jij geleerd hebt omdat je vond dat je het moest kunnen.

Eigenlijk alle vakken op school. Je leert ervoor om een goed punt te halen en omdat je vind dat je het moet kunnen om later er iets goeds mee te kunnen doen. 

 

17. Denk eens goed na en noteer wat jij geleerd hebt omdat jij het leuk vond te leren.

Dansen, dwarsfluiten, hockey, tekenen, zingen, spelletjes, wiskunde, muziek,  

 

18. Denk goed na en noteer wat jij van de televisie geleerd hebt.

 vereiking algemene ontwikkeling (nieuwsberichten)

sociale levensomstandigheden (soaps)

getallen, kleuren, woordjes (peuter/kleuterprogramma's)

 

19. Welke vaardigheden, welke talenten hoop jij in de toekomst nog te kunnen ontwikkelen?

Als ik eenmaal weet wat ik later wil worden, en wat ik een groot deel van mijn leven als beroep zal hebben, kan ik hier meer antwoorden op geven. Dan wil ik natuurlijk de vaardigheden leren die ik nodig heb voor mijn beroep. Verder wil ik nog vaardigheden voo rmijn hobby's bijleren, en natuurlijk de algemene vaardigheden nog verbeteren/groter maken.

 

20. Ga naar http://www.citaten.net/search.asp?quote=leren en zoek vijf citaten over leren die jou wel aanstaan en die je ook serieus belangrijk vindt.

1. Het is het verstandigst om niet te schrijven, maar hadop te leren en te onderwijzen, want wat geschreven is blijft. 

2. Het hoogste wat je ooit zult leren, is gewoon liefhebben en worden liefgehebt. 

3. Voor geweld moet je leren haten. Voor geweldloosheid moet je leren liefhebben. 

4. Eén leven is heus te kort om het leven te leven te leren begrijpen. 

5. Luiheid is een noodzaak. Je moet haar in je leven halen om het leven te leren kennen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

--------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

 

Afrondingsopdracht

 

My partner is Redona Reci, she lives at Carmignano di Brenta.

She is a fan of football and likes to play volleyball very much. Redona has the following character, happy, openminded and she laughs very much. Later she wants to study math and physics to become a engineer. I like her very much cause she's always laughing and happy, I like that very much. But sometimes she is talking to much.

 

Carlijn: What was the difference between the week in Italy and the week in Holland for you?

Redona: I think the things we did in Italy were a less boring. But we did more things at people's home and I did like that!

 

Carlijn: What's your opinion about our school?

Redona: The school is a little old, but it seems like a american school so I like that. I think it's nice here.

 

Carlijn: Which activities did you do outside the program of school? And did you like that?

Redona: We had a "pancakesnight". I did like that very much. I love pancakes now. The day we were at "your/our" I liked too. The campfire was nice and warm. I like warm!!!

 

Carlijn: How was your experience about the familylife in Holland?

Redona: Wonderful, I think the people here are very friendly and I like your big family.

 

Carlijn: What do you think of the Hollands food?

Redona: There were to many sausage, I  think. But I liked the pancakes very much.

 

Carlijn: What was your impression about Amsterdam?

Redona: It's a very crowded city with a lot of tall buildings.

 

Carlijn: What do you think about Rotterdam?

Redona: It was nice, because it's a city less crowded thand Amsterdam, but with a wonderful port.

 

Carlijn: What was the most beautiful part of this week?

Redona: Sunday, when we were in the efteling. I did like it there, but I didn't like the rain. It was so cold!

 

Carlijn: How was the communication in English with the dutch people?

Redona: It was very good cause every body could speak it very well.

 

Carlijn: What were the most important marks of the hollanders you going through for you?

Redona: I think you all are very friendly and funny people.

 

Carlijn: Do you have new ideas about Holland?

Redona: I thought the landscape was a bit different...

 

Carlijn: What was your idea about this land before you came here?

Redona: I was sure it would be a wonderful country. But I didn't thought more about Holland. I just knew it would be difference.

 

Carlijn: What is the difference between the Hollands family and the Italians family?

Redona: I think duch families are warmer than the Italians families. Because they all can speak English, and then there is more contact with the family.

 

Carlijn: Did you think something about the dutch people what is changed?

Redona: No I didn't think anything. I didn't had some ideas about them...

 

Carlijn: What didn't you like in Holland?

Redona: The bikes, I hate them. I can't cycle very good and I feld sometimes.

 

Carlijn: What's your opinion about the program of this week?

Redona: It was interresting and a little tiring because we had to walk a lot! But I've seen very much and I liked that.

 

Carlijn: What would you change about it?

Redona: Not to do making pictures of streets and stuff, caus that's a bit tiring.

 

Carlijn: What are you going to tell your friends and family about this week?

Redona: That it was a great expirience and it's something I'll never forget!

Comments (0)

You don't have permission to comment on this page.