Hitler en de homo’s
Auteur: Jeroen Verheugt
Hitler wou een Rijk met een ‘zuiver ras’ te kweken: het ‘Arische’ ras.
Hij wilde een ras met grote, sterke, gezonde mensen met blond haar, blauwe ogen en Duits bloed in de aderen. Daarvoor was geen plaats voor ‘minderwaardigen’ zoals zigeuners, homo’s, politieke gevangenen, zwarte mensen, mensen met erfelijke ziekten, gehandicapten en vooral Joden. Deze mensen waren 'ongewenst' en werden door de Nazi's vervolgd. Op affiches werd hun ongewenstheid zelfs getoond.
Hij wou dat al deze mensen opgepakt werden en naar het concentratiekamp gebracht werden en dat gebeurde.
Weinig mensen weten over het lot dat de homoseksuele mannen en lesbische vrouwen overkwam. Zij werden zeer zwaar getroffen en na de joden en de zigeuners, hadden zij de kleinste overlevingskans van ongeveer 40%. Aanvankelijk werden zij eerst in Duitsland vervolgd, later in de geannexeerde delen zoals Oostenrijk en het Sudetengebied en weer later, toen de oorlog uitbrak, in de veroverde gebieden zoals Polen, Dantzig, het Memelgebied, West- en Oost-Europa en delen van Noord-Afrika.
Voor de machtsovername van de nazi's op 31 maart 1933 bestond er de zogeheten Paragraaf 175, het verbod op seksuele handelingen voor mannen van hetzelfde geslacht. Ook in de keizerlijke republiek en later in de Weimarrepubliek werden op basis van Paragraaf §175 homoseksuelen gecriminaliseerd en een aantal van hen werd daadwerkelijk opgehangen. Maar het kwam maar zelden tot echte vervolging. Zo leidden van de 13.189 veroordelingen tussen 1902 en 1932 slechts 14 gevallen (= 0.11 %) tot tuchthuisstraffen. Maar dat zou snel veranderen onder de nazi's.
De Rosa-Winkel-Häftlinge, zoals ze na de oorlog werden genoemd vanwege de roze driehoek die zij werden opgespeld als herkenningsteken, zij gingen bijzonder zware tijden tegemoet. Al in de eerste dagen van mei 1933 roofden de nazi's het beroemde Institut für Sexualwissenschaft leeg en vernietigden het. De bibliotheek, de archieven en een buste van oprichter en directeur Magnus Hirschfeld, een van de belangrijkste voorvechters van de emancipatie van homoseksuelen, werden publiekelijk verbrand. Hirschfeld zelf verbleef toen als balling in Zürich. Hij had Duitsland in 1930 verlaten en was vanwege de toenemende dreigementen van de nazi's niet naar zijn vaderland teruggekeerd.
Een van de grote tegenstanders van de effectieve en algemene toepassing van Paragraaf 175 was de SA-leider Ernst Röhm, die zelf een homoseksueel was en die het graag met jongetjes deed. Röhm was een lid van Hirschfeld's Bund für Menschenrecht (Liga voor Mensenrechten), en bezocht openlijk homoseksuele ontmoetingsplaatsen. De macht van de paramilitaire privémilitie de SA was enorm toegenomen, en tot aan de dood van Rijkskanselier Hindenburg in 1934, was hij een potentiëel rivaal naast Hitler voor de strijd om de macht.
Hitler ergerde zich aan de groeiende invloed van Röhm. De SA-top moest gezuiverd worden van homoseksualiteit, uitspattingen, drankzucht en praalzucht. Op 30 juni 1934 gaf Hitler aan de SS het bevel tot de ontmanteling van de SA, de zogeheten “nacht van de lange messen”, Röhm en een kleine honderd van zijn belangrijkste medestanders werden vermoord.
Heinrich Himmler was in april 1934 benoemd als Inspecteur der Gestapo (Geheime Staats Polizei) en Reinhard Heydrich werd het hoofd van de Pruisische geheime staatspolitie. De hele SA werd gezuiverd. Himmler kreeg spoedig de volledige controle over de veiligheidspolitie en in juni 1936 zal Himmler tot SS Reichsführer worden benoemd en de totale controle verwerven.
Vanaf oktober 1934 werd de Gestapo het belangrijkste instrument in de strijd tegen de binnenlandse vijanden van de natie. Vanuit de pas opgerichte Gestapa in Berlijn werden namenlijsten van praktiserende homoseksuelen opgesteld. Spoedig sloten de regionale Gestapokantoren zich daarbij aan, en de vervolging werd vanaf 1935 gecoördineerd door de "Reichszentrale zur Bekämpfung der Homosexualität und Abtreibung"
In 1934 waren in heel Duitsland bijna 1000 homoseksuele mannen veroordeeld op grond van de oude §175. Maar op 1 september 1935 werd Paragraaf 175 van het Duitse wetboek van Strafrecht zwaar aangescherpt en ingezet om harder te kunnen optreden tegen homoseksuele mannen. Het aantal veroordelingen steeg snel naar nieuwe hoogten en in 1938 was dat aantal reeds verachtvoudigd. Vanaf de machtsovername in 1933 werd de ontmanteling van de homoseksuele subcultuur van Berlijn aangevat. Bars en cafés werden gedwongen hun deuren te sluiten en homo-organisaties werden ontbonden.
In vergelijking met "Sonderaktionen" die her en der in het land plaatsvonden, was in Berlijn sprake van een bijzonder intensieve en langdurige vervolging. Van 1935 tot 1940 was hier uitsluitend de Gestapo met de opsporing belast, waarna de Kripo, de gewone politie, het werk waarmee de Gestapo begonnen was, tijdens de oorlogsjaren voortzette. Zelfs in het begin van maart 1945 was hier nog een speciale eenheid rechercheurs van het "Homosexuellendezernat" op pad om homoseksuelen op te sporen.
Himmler's rede tot de SS-Commandanten op 18 februari 1937:
"Een natie met vele kinderen kan oppermachtig worden en de wereld regeren. Een zuiver ras met weinig kinderen staat al met één voet in het graf; de volgende vijftig of honderd jaar zal dit geen verschil uitmaken maar tweehonderd jaar later zal het ras verdwenen zijn. Het is van groot belang dat wij beseffen of we al dan niet toelaten dat deze infectie Duitsland verder mag besmetten of dat we haar bestrijden, want anders betekent dit het einde van Duitsland en van de Germaanse wereld.
Jammer genoeg is dit niet zo een eenvoudige zaak zoals het was ten tijde van onze voorouders. Voor hen waren de zeldzame gevallen simpelweg abnormaliteiten; zij verdronken hen in de moerassen. Zij die die lichamen later vonden in de modder realiseerden zich niet dat in 90% van de gevallen het ging om een homoseksueel die daar in het moeras werd versmacht en er gedumpt werd met al zijn bezittingen. Dit was geen straf maar de eenvoudige verwijdering van een particuliere abnormaliteit. Het is van vitaal belang dat we hen van ons ontdoen; zoals we het onkruid wieden trekken we hen uit, gooien ze in het vuur en verbranden we hen. Dit komt niet uit een geest van wraak maar uit noodzaak; deze creaturen moeten uitgeroeid worden. "
Als een optie om de overbevolkte militaire gevangenissen te ontlasten, werden de mannen die op basis van Paragraaf § 175 waren opgepakt, gedwongen om militaire dienst te nemen en meteen als kanonnenvoer naar de frontlijn gezonden. Militaire leiders gebruikten dergelijke troepen meestal voor zelfmoordacties.
De oorlog gaven de nazi's de gelegenheid om achter het front de vervolging nog te verharden. Het uitschakelen van ongewensten ging gepaard met ongelooflijke brutaliteit en selectieve slachtpartijen. Onder bevonden zich ook de homoseksuelen. In de zomer van 1940 beval SS chef Himmler om homoseksuelen "die meer dan één partner verleidden" na hun gevangenisstraf, hen op te sluiten in de concentratiekampen. Deze "preventieve opsluiting" (Schutzhaft) kon verkort worden op voorwaarde dat de persoon in kwestie vrijwillig toestemde tot castratie of, nà 1942, onder dwang op bevel van de kampcommandant. Het akkoord dat in september 1942 tussen Himmler en de Duitse minister van Justitie werd gesloten, voorzag dat overtreders van Paragraaf § 175 net zoals "gewoonte criminelen" vanuit de ministeriële gevangenissen werd getransporteerd naar de SS kampen.
Door de oorlogsdirectieven van Himmler werden duizenden homoseksuelen naar de kampen gestuurd om er zware dwangarbeid te verrichten. De zogeheten campagne "uitroeiïng door arbeid" dwongen homoseksuelen in barre omstandigheden zware arbeid in de steengroeven uit te voeren dikwijls met fatale afloop.
Makkelijk herkenbaar aan hun roze driehoeken vormden de homoseksuelen, de zogeheten 175’ers een makkelijke prooi voor lichamelijk en zelfs seksueel geweld door SS kamp bewakers.
De homoseksuelen werden door de andere gevangenen angstvallig gemeden, bang om met hen geassocieerd te worden en hetzelfde lot te ondergaan. De 175’ers sleten hun erbarmelijke bestaan in de grootste afzondering en eenzaamheid, helemaal onderaan de hiërarchie van de kampen.
In de jaren 1933 en 1945 werden naar schatting tussen de 50.000 en 63.000 personen op verdenking van homoseksuele handelingen veroordeeld en kwamen er tussen de 5.000 en 15.000 om die reden in concentratiekampen terecht. Zestig procent van hen overleefde de kampen niet. Alleen al inSachsenhausen werden vanaf eind 1939 tot midden 1943 ruim 600 homo's vermoord.
Al bij hun aankomst werden homoseksuelen vrijwel meteen gescheiden van andere gevangenen en ingedeeld in strafcompagnieën en speciale arbeidscommando's die te werk werden gesteld in het zogenaamde Klinckerwerk (de steengroeve). In deze groepen was het sterftecijfer bijzonder hoog. Alleen al in de zomer van 1942 vonden in tijd van zes weken minstens 89 homoseksuele gevangenen op gruwelijke wijze de dood tijdens een gerichte moordaktie van de SS.
Slachtoffers van Paragraaf §175 waren meestal onopvallende mannen met alledaagse beroepen, maar andere waren weer relatief bekende persoonlijkheden zoals bijvoorbeeld de beeldende kunstenaar Richard Grune en cabaretier Robert T. Odeman.
Ondanks de terreur van de SS wisten homoseksuele kampgevangenen een netwerk van onderlinge steun en solidariteit te onderhouden; er was zelfs sprake van een illegaal cultureel leven in het kamp. Richard Grune schreef tijdens zijn gevangenschap twee boeken met liederen over het kampleven.
Robert T. Odeman werd in Berlijn twee keer veroordeeld (in 1937 en 1942) op grond van homoseksualiteit. Eind 1944 werd hij naar Sachsenhausen gestuurd. In april 1945 wisten hij en twee andere homoseksuele mannen te ontsnappen tijdens een van de beruchte dodenmarsen. Evenals andere homoseksuele kampoverlevenden, kreeg hij nooit enige vorm van schadeloosstelling.
Een van de bekendste gevangenen uit Sachsenhausen is ongetwijfeld de Oostenrijker Josef Kohout, die in 1972, onder het pseudoniem Heinz Heger, zijn ooggetuigenverslag Die Männer mit dem rosa Winkel publiceerde (hij zat de eerste maanden van 1940 gevangen in Sachsenhausen; in mei van dat jaar werd hij overgebracht naar Flossenbürg).
Comments (0)
You don't have permission to comment on this page.